Deze website maakt gebruik van cookies. Lees hier meer hierover. Deze website gebruikt cookies.

‘Veranderen vraagt om een lange adem’

Rosemarie Bastianen, programmadirecteur Eenvoudig Beter en Heleen Groot, programmadirecteur Aan de slag met de Omgevingswet, werken inmiddels alweer zes jaar intensief samen aan de Omgevingswet. Hoog tijd dus voor een terugblik. Én – met 2020 in zicht – een vooruitblik op de uitdagingen voor het komende jaar.

Eerst even terug naar het begin: waarom de Omgevingswet?

Rosemarie: ‘'We hebben de Omgevingswet nodig om de grote maatschappelijke opgaven van deze tijd het hoofd te kunnen bieden. Zo schreven we al in de Memorie van toelichting van de wet dat de energie- en klimaattransitie, waterveiligheid en woningbouw het fysieke domein sterk gaan beïnvloeden. Gaandeweg krijgen we – onder meer met het Klimaatakkoord op zak – ook steeds beter in beeld hoe we daadwerkelijk aan de slag kunnen met de uitwerking van deze en andere opgaven.’'

‘'Wat keer op keer blijkt, is dat je deze opgaven niet vanuit één sector kunt aanpakken. Het probleem zit ‘m immers niet alleen in bouwregels of in mobiliteitsoplossingen. Daarom biedt de Omgevingswet een samenhangend instrumentarium voor de fysieke leefomgeving. Denk hierbij aan de omgevingsvisie en het omgevingsplan van gemeenten. In zo’n plan staan niet alleen regels over een goede ruimtelijke ordening, maar bijvoorbeeld ook regels over het milieu. En er kunnen regels over energie in.’'

‘'Daarnaast stimuleert de Omgevingswet dat verschillende belangen eerst goed worden gewogen. Vervolgens moeten ze op een samenhangende wijze in beleid en besluitvorming terechtkomen. Het Rijk, bestuursorganen, provincies, gemeenten en waterschappen moeten daarvoor op een nieuwe manier samenwerken. En bijvoorbeeld goed inzichtelijk maken wat hun plannen zijn voor de leefomgeving en hoe anderen – waaronder burgers – daaraan kunnen bijdragen.’'

Hebben jullie door de jaren heen gemerkt dat de samenleving om zo’n transparante werkwijze van overheden vraagt?

Heleen: ‘'Nog niet zo lang geleden was het RIVM de enige partij in Nederland die metingen verrichtte naar de luchtkwaliteit. Tegenwoordig lopen we door de achtertuin met eigen meetapparatuur. Op onze smartphones zien we binnen enkele seconden de resultaten. We zijn, kortom, onderdeel geworden van een informatiemaatschappij. Het wordt dus steeds vanzelfsprekender om snel veel informatie te verzamelen over wat zich afspeelt in de leefomgeving. Ik vind dat overheden verplicht die informatie zo toegankelijk mogelijk moeten maken. De samenleving vindt op haar beurt dat ze recht heeft op transparantie – en terecht. Het Digitaal Stelsel Omgevingswet, het DSO, is daar een antwoord op.’' 

Rosemarie: ‘'Die behoefte aan een “open” overheid heeft te maken met de steeds sterker wordende lokale democratie. Inwoners zijn mondiger. Logisch: ze beschikken over meer informatie dan vroeger, nemen niet zomaar iets aan van een autoriteit. Ze willen invloed uitoefenen op wat er buiten gebeurt en komen dus met initiatieven die hun leefomgeving mooier, schoner of veiliger moeten maken.'' 

‘Samen’ lijkt een centraal begrip bij de Omgevingswet.  

Heleen: ''Het nieuwe instrumentarium van de Omgevingswet moet er inderdaad voor zorgen dat het Rijk, regionale overheden, bedrijven, ngo’s en andere partijen écht gaan samenwerken. In de praktijk gebeurt dat al. Zo was ik onlangs op bezoek bij de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, een partij die al volgens het gedachtegoed van de Omgevingswet werkt. De dienst houdt zich namelijk niet alleen meer bezig met milieuregels, maar zorgt ook – in opdracht van de gemeente Amsterdam – voor toezicht en handhaving op bouwtaken. Dat zijn geen standaardtaken van een omgevingsdienst, maar de combinatie werkt hier goed. In een gesprek over bodemverontreiniging en woningbouw komt die brede kennis bijvoorbeeld goed van pas.’'

Lukt het alle bij de Omgevingswet betrokken partijen goed om voorbij de grenzen van hun eigen sector te kijken?    

Heleen: ''Dat is de afgelopen jaren lang niet altijd makkelijk geweest. Nog steeds niet. Het Rijk en andere overheden werken doorgaans met een eigen bril op. Dan is het soms knap lastig om goed in het vizier te houden wat het beste is voor het grotere geheel. Dit is hartstikke menselijk: de meeste mensen hebben nu eenmaal behoefte aan een omgeving zonder veel veranderingen. En nu vragen we ze om over de muurtjes van de eigen omgeving heen te kijken. Dat is nieuw en anders. Voor veel mensen is dat wennen.'' 

Rosemarie: ''Dat geldt ook voor de politiek. De wet is niet alleen van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Er zitten net zo goed energie-, natuur- en milieuregels in. De wet is van ons allemaal en ik zou graag willen dat dit ook zo wordt gevoeld.''

''Gelukkig is het natuurlijk niet zo dat iedereen alleen met z’n eigen toko bezig is. De Nationale Omgevingsvisie, de NOVI, waarin de belangen en prioriteiten van de hele overheid zijn verwerkt, is daar een mooi voorbeeld van.''  

Heleen: ''De NOVI is uiteraard slechts een instrument, maar het dwingt wel tot het goede gesprek tussen het Rijk en andere overheden en partijen in de regio. En dat is heel belangrijk.'' 

Rosemarie: ‘'Neem het verzet van burgers tegen de plaatsing van windmolens. Massale protesten tegen windmolenparken versnellen de besluitvorming niet bepaald. Daarvan is geleerd. De omgeving wordt inmiddels veel intensiever betrokken. Het helpt om het samen te doen met inwoners. We zien op steeds meer fronten beweging.'' 

Wat vinden jullie moeilijk? 

Heleen: 'Ik ben ongeduldig. Hoewel ik steeds meer leer dat veranderen gewoon om een lange adem vraagt, gaat verandering voor mij altijd te langzaam. Ik vind het moeilijk als mensen vasthouden aan het bekende. Zeker omdat ik ervan overtuigd ben dat deze wetsverandering goed is voor Nederland.''

''De uitvoeringspraktijk is erg gemotiveerd. Die zit te springen om inwerkingtreding van de wet, maar moet tegelijkertijd wachten op helderheid vanuit de Kamers. Dat bijt elkaar een beetje. Enerzijds wil ik partijen stimuleren om door te gaan, anderzijds is het nodig dat de Kamers zich eerst over bepaalde dingen uitspreken.''  

Rosemarie: ''De minister voor Wonen en Milieu en de bestuurlijke partners schatten in ieder geval in dat het wenselijk en mogelijk is om de Omgevingswet op 1 januari inwerking te laten gaan. Dat hebben ze op 29 november aan het parlement aangegeven. De Eerste en Tweede Kamer hebben een ambitieus behandelschema opgesteld. Als ze dat schema volgen, kan de wet op de geplande datum ingaan.''

Wat zijn volgens jullie de uitdagingen voor 2020?

Rosemarie: ''Vertrouwen tussen overheden, burgers en bedrijven is een belangrijk onderliggend principe van de Omgevingswet. Maar vertrouwen komt te voet en gaat te paard, schreven wij al in de Memorie van toelichting van de Omgevingswet. We moeten dus ook komend jaar met elkaar in gesprek blijven. En zo achterhalen hoe we het beste aan de stelselherziening van het omgevingsrecht kunnen blijven samenwerken.''

Heleen: ''Ook in 2020 is er namelijk nog genoeg te doen. Het wordt een “oefenjaar” waarin alle organisaties ervoor zorgen dat ze klaar zijn voor de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2021. Daarvoor kunnen ze enorm veel hulpmiddelen gebruiken: van staalkaart tot vragenboom en van demo tot kennissessie. En sinds kort staan ook de RIO’s, de Regionale Implementatiecoaches Omgevingswet, paraat om te helpen.''

Rosemarie: ''Als iedereen er – net zoals afgelopen jaar – zijn schouders onder blijft zetten, gaan wij in ieder geval met vertrouwen het nieuwe jaar in.''

 

Fijne feestdagen vanuit het Programma Aan de Slag met de Omgevingswet en Programma Eenvoudig Beter.

DSO: start oefenjaar 2020

Op de laatste DSO-dag van 2019 toonde het programma DSO de versie van het nieuwe Omgevingsloket waar overheden en leveranciers in 2020 mee aan de slag kunnen. Dat het digitaal stelsel Omgevingswet leeft werd maar al te duidelijk. Bert Uffen, programmadirecteur DSO, verwelkomde zo’n 650 aanwezigen uit het hele land: “Een bijzondere DSO-dag dit keer. De laatste in deze programmasetting. Een mijlpaal in de bijzondere reis die we met elkaar maken. Dit keer laten we jullie het Omgevingsloket zien waar jullie komend jaar mee aan de slag kunnen gaan. Nog niet helemaal klaar maar af genoeg.”

De landelijke voorziening digitaal stelsel Omgevingswet (DSO-LV) is nu af genoeg voor gemeenten, waterschappen, provincies en leveranciers om aan te sluiten, te vullen en te oefenen. Hiermee start het oefenjaar 2020: nog 12 maanden te gaan om voor te bereiden op de start van de Omgevingswet op 1-1-2021. Erik Jan van Kempen, Programma Directeur-generaal Omgevingswet: “Dat we zover zijn met het ontwikkelen van het DSO is iets waar we met elkaar trots op mogen zijn. Er ligt nu een digitale basis voor de ondersteuning van de Omgevingswet. En daarmee het fundament voor een nieuwe manier van werken: beter voor overheden en eenvoudiger voor burgers.”

Aansluiten, vullen en oefenen
Het DSO-LV heeft nu alle noodzakelijke functionaliteiten om ermee te kunnen werken: lokale voorzieningen koppelen, oefenen met de hele keten van initiatief tot aanvraag, opslaan van productieinhoud gemaakt in lokale systemen, accepteren, beheren en exploiteren. “Komend jaar moeten we er samen de schouders onder zetten. Gebruik de komende 12 maanden om aan te sluiten, te vullen en te oefenen. Ga aan de slag met omgevingswetbesluiten, werkingsgebieden, annoteren, het maken van toepasbare regels voor vragenbomen en los tegenstrijdigheden in regelgeving op”, is de dringende boodschap van Joyce de Jong, interbestuurlijk implementatiemanager Omgevingswet.

Aansluiten via Digikoppeling
Lokale software aansluiten op het DSO begint met het leggen van de vereiste Digikoppelingen. Het programma Aan de slag met de Omgevingswet gaat overheden en hun ICT-leveranciers helpen deze eerste stap te zetten. In de periode januari - juli 2020 worden alle overheidsorganisaties en hun ICT-leveranciers volgens planning geholpen zodat iedereen de technische basis op tijd op orde heeft.   

Ondersteuning bij implementatie
Overheden kunnen ondersteuning krijgen bij implementatievraagstukken rond de Omgevingswet van de Regionale Implementatiecoaches Omgevingswet (RIO’s). Deze RIO’s gaan actief de regio in en zijn het vaste regionale aanspreekpunt voor gemeenten, provincies en waterschappen. De RIO’s bespreken met het bevoegd gezag welke stappen te nemen en welke ondersteuning daarbij mogelijk is. De insteek is interbestuurlijk.

Uitbouw DSO
In de loop van 2020 wordt het DSO-LV Basisniveau opgeleverd, een volledig werkend systeem om vanaf 2021 te kunnen werken met de Omgevingswet, en dat voldoet aan de eisen en wensen van de opdrachtgevers VNG, UvW, IPO en Rijk. Maar is het dan klaar? Nee, de ambities voor het DSO-LV in het Bestuursakkoord in 2015 gaan verder dan het DSO-LV Basisniveau. Vanaf 2021 blijft het DSO dan ook in ontwikkeling. Afhankelijk van wat op welk moment de meeste meerwaarde biedt worden de komende jaren functionaliteiten toegevoegd.

Meer informatie
Kijk voor meer informatie ook op de website www.aandeslagmetdeomgevingswet.nl en blijf op de hoogte van de ontwikkelingen via de nieuwsbrief Implementatie Omgevingswet.

Try out in regio is leerzaam

De interbestuurlijke Try Outs van de Omgevingswet en het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) zijn leerzaam geweest. In de 17 regio’s zijn stappen gezet naar werken als één overheid. ''De lessen nemen we mee bij de ondersteuning van de implementatie'', zeggen de begeleiders Patricia Palmen en Nanda van Raalte-Pearce. 


Nanda van Raalte
Het zijn parallelle processen, je hebt het allebei nodig.

Eén van die inzichten is dat de ondersteuning meer in het land – regionaal – moet worden georganiseerd. In de 17 Try Outregio’s hebben gemeenten, provincies, waterschappen, omgevingsdiensten, veiligheidsregio’s etc. kennis vergaard en toegepast in casussen. ''De regio’s hebben een gezamenlijk leerproces doorlopen. Op basis van de praktijkervaringen met de casussen hebben ze de ambitie voor het vervolg bepaald. Wat moeten we samen vormgeven? Hoe gaan we dit doen? De Try Outs leren wat de bevoegde gezagen samen moeten organiseren, en wat elk van de organisaties zelf moet veranderen aan de werkprocessen'', zegt Patricia. De begeleiders legden de verbinding tussen de landelijke experts en de regio’s. Samen vertellen ze over de lessen en de ervaringen bij de Try Outs.


Patricia Palmen
De Try Outs leren wat de bevoegde gezagen samen moeten organiseren

Ondersteuningsaanbod afstemmen op behoefte
De belangrijkste les: het is essentieel dat de landelijke expertise duidelijk en nog beter toegankelijk wordt voor alle regio’s. ''Maar,'' zegt Nanda, ''we willen ook beter luisteren naar de behoefte in de regio’s en het aanbod daar beter op afstemmen. We hebben bijvoorbeeld gemerkt dat handreikingen en andere producten beter te implementeren zijn als je ze toepast. Brengen en toelichten in de regio maakt het concreter en beter uitvoerbaar.''

Nu de Try Outs zijn afgerond breekt een nieuwe fase aan. Niet meer uitproberen, maar structureel regionaal implementeren. De afspraken die de begeleiders in de Try Outs hebben gemaakt, worden afgestemd met een team van Regionale Implementatiecoaches Omgevingwet (RIO’s). Nanda: ''Niet alleen de Try Out-regio’s zijn bezig, andere regio’s zijn ook aan de slag. Het is de bedoeling dat alle overheden op 1 januari 2021 voldoen aan de minimale vereisten van de veranderopgaven.’' (Zie ook de Minimale eisen van het ministerie van BZK en de Roadmap Omgevingswet van de VNG). 

Thema’s
Inhoudelijk komen twee onderwerpen in alle regio’s terug. In feite zijn het de twee kanten van dezelfde medaille: het vergunningenproces. Om complexe aanvragen binnen de gestelde tijd vanacht weken te kunnen behandelen is het belangrijk dat bevoegde gezagen en adviesdiensten aan de voorkant en tijdens het proces met elkaar samenwerken in een omgevingstafel. Hoe organiseer je dat op een goed uitvoerbare manier? Hoe wissel je in een samenwerkingsruimte documenten uit?

Om eenvoudige zaken snel en doelmatig te kunnen afhandelen zijn toepasbare regels (vragenbomen) en algemene regels een uitkomst. Ook dat is een opgave om bij voorkeur interbestuurlijk en regionaal te verkennen. Patricia: ''Het begint met de analyse van de bestaande regels. Hoe maak je er toepasbare regels van? De eerste stap is gezamenlijk een proces af te spreken. Het is al mooi als regio’s zover zijn.'' Nanda en Patricia zien in de praktijk dat het belangrijk is dat er trekkers klaar staanom met deze processen aan het werk te gaan.''In elke bestuurslaag heb je mensen nodig die ermee bezig zijn en die elkaar opzoeken'', zegt Patricia. 

Een ander terugkerend thema’s is het annoteren van omgevingsdocumenten, gebruikers kunnen de zoekresultaten dan filteren op wat voor hen relevant is. Het afstemmen van verschillende bestuurlijke visie op bepaalde gebieden of thema’s is van belang, evenals de aansluiting op het DSO en het aanbesteden van de systemen die daarvoor nodig zijn.

Van consumeren naar invoeren
''We zien dat de koplopers van het eerste uur nu de stap maken van kennis opdoen en plannen maken naar uitvoeren. Van consumeren naar invoeren'', vult Nanda aan. Concreet betekent dit dat de programmamanagers in het land de leerervaringen moeten invoeren in de organisaties. ''Dat is geen sinecure want de winkel blijft intussen open. Je moet ingrijpende veranderingen in je benadering en in je processen doorvoeren, maar intussen blijven er mensen aan de balie komen.'' De huidige krapte op de arbeidsmarkt vormt daarbij een extra handicap. Het laat onverlet dat de tijd is gekomen om het anders werken in de lijnorganisatie te beleggen. Dit heeft alles te maken met het eerder genoemde ‘minimumlijstje’ of de ‘mijlpalen’.

Vergunningen, Toezicht en Handhaving
Voor de afdelingen Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) is het ‘t meest dringend, vertelt Patricia. ''Zij moeten vanaf 1 januari 2021 werken volgens de Omgevingswet en zorgen dat er binnen acht weken duidelijkheid is over een vergunning. Wat dat vraagt van organisaties? Ze moeten de kennis over het Besluit Activiteiten Leefomgeving (BAL) en het Besluit Bouwen en Leefomgeving (BBL) op orde hebben. Je moet weten wat je minimaal wilt gaan doen aan een omgevingstafel en hoe je aan de slag gaat met toepasbare regels. In het huidige Omgevingsloket zitten regels voor reclame, inritten, kappen en slopen. Dat zit er straks niet meer automatisch in, daar moet je iets voor doen. Ook belangrijk is de strategie voor het omgevingsplan te kennen en de harde processen – de verbinding tussen het zaaksysteem en het DSO – te regelen. Je moet samenwerken met de omgevingsdienst en ook nog de legesverordening aanpassen. Het is een omvangrijke klus die je moet klaren terwijl de winkel openblijft. De kern van de zaak is dat iedereen die elke dag met de materie aan het werk is, aan de gang moet met het andere werken. In het land zeg ik tegen al die teams een beetje plagend: kus de kikker.''

Maar niet alleen VTH, alle disciplines moeten aan de slag, zegt Nanda. ''De uitdaging is het goed te faseren. Het minimumlijstje als handvat gebruiken en tegelijk in het oog te houden hoe het past in de grote beweging van de wet. Begin met het basistraject en leg daarmee een goed fundament voor het vervolg.'' Het is daarom van belang om naast het invoeringstraject in de lijnorganisatie ook het oog te houden op innovatie en de bedoeling van de wet. Nanda: ''Het zijn parallelle processen, je hebt het allebei nodig.''

Producten en diensten
De Try Outs leren voorts dat veel informatie beschikbaar is, maar dat niet iedereen die weet te vinden. De VNG heeft daarom als wegwijzer de Producten en Dienstencatalogus gemaakt, bedoeld voor iedereen die zich binnen gemeenten en uitvoeringsorganisaties bezighoudt met de Omgevingswet.

 

Lessen Try Outs 

  • Elke regio moet aan de slag
  • Elke regio heeft een aanspreekpunt nodig (kennis!)
  • De Try Out-aanpak werkt: kennis opdoen, concreet aan de slag, lessen trekken etc.
  • Benoem in elke organisatie enthousiaste trekkers die met vernieuwingen aan de slag gaan en die de verbinding maken met de eigen organisatie
  • Het is tijd om veranderingen in de lijnorganisaties te verankeren
  • Hou ook de bedoeling van de wet in het oog (innovatie)

Meer informatie over drie Try outs lees je verder in de Kwartslag

Docenten aardrijkskunde spelen Buurtje Bouwen

Honderden aardrijkskundedocenten kwamen op de KNAG Onderwijsdag in Den Bosch af. Voor het programma Aan de slag met de Omgevingswet was dit dé doelgroep om de serious game Buurtje Bouwen te promoten. Hiermee kunnen leerlingen via een smartphone kennismaken met de principes van de Omgevingswet. 



Dit is Buurtje Bouwen
De game is een combinatie van een inrichtingsgame zoals Sim City en een discussiespel. Het spel is geschikt voor drie tot vijf spelers. Iedere deelnemer kruipt in de huid van een buurtbewoner en mag stemmen over de herinrichting van een wijk. Belangrijk: om te winnen moeten de deelnemers met elkaar in discussie gaan en samen de beste maatregelen kiezen voor iedereen.



Het echte werk
Tim Favier, lerarenopleider bij Universiteit Utrecht, hielp bij de ontwikkeling van de game. Na een korte introductie over de veranderingen rondom het omgevingsrecht laat hij de docenten de game in het echt proberen. Belangrijk is om tegelijkertijd positief te stemmen op een maatregel. De docenten onderhandelen fanatiek. Als de tijd op is, moet iedere groep snel een plan indienen.



Gelukt of niet?
Tot slot volgen de uitslag en evaluatie. Wat blijkt? Geen enkel groepje is erin geslaagd om een goedgekeurd plan in te leveren. Terwijl de helft van de leerlingen hier de eerste keer wel in slaagt, vertelt Favier. Toch zijn de docenten enthousiast en geven ze aan de game graag toe te willen passen in hun lessen. 



Vervolg
Om Buurtje Bouwen verder te promoten en nog meer docenten te bereiken, organiseert het programma de komende tijd nog drie vervolgsessies op hogescholen.

Meer informatie over Buurtje Bouwen vindt u op onze website.

De Omgevingswet gaat over mensen

Wethouder Bas Kurvers van Rotterdam: ‘'Nu de Omgevingswet waar maken. Gemeenten hebben al veel voorbereidend werk gedaan met het oog op de Omgevingswet. Nu is het moment om het waar te maken.” Voor hem staat de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2021 buiten kijf. “Uitstel zou funest zijn voor de energie die er nu is bij alle betrokkenen.”

Flinke uitdagingen

Kurvers was een van de sprekers tijdens de Bestuurdersbijeenkomst, die gelijktijdig plaatsvond met het Praktijkfestival ‘Omgevingswet in zicht’. Hij zegt ook dat er flinke uitdagingen zijn met het oog op de ingangsdatum van de Omgevingswet. “Zo ligt er in Rotterdam nog veel werk om interne werkprocessen op orde te maken en bij het aansluiten op de Landelijke Voorziening van het digitaal stelsel Omgevingswet (DSO). 

Landelijk moet het DSO-LV z’n standaarden en software in orde hebben. Gemeenten moeten weten wanneer en hoe ze kunnen aansluiten. Het is ook belangrijk dat juristen en beleidsmedewerkers goed worden ondersteund in het werken met de nieuwe wetgeving, ook na het in werking treden van de wet. Het ministerie van BZK zegt dat dit gebeurt; ik juich dat toe.” 

Het nieuwe denken: integraal

Integraal werken vraagt eveneens nog het nodige van de organisaties, net als de omslag naar het nieuwe denken. “In de raad kreeg ik de vraag of onze ambtenaren er wel klaar voor zijn. Terwijl ik vanmorgen bij een medewerkersbijeenkomst was, waar iemand vroeg: wat betekent dit voor de rol van de raad? Is die er eigenlijk wel klaar voor?”

De Omgevingswet gaat over mensen

“De Omgevingswet gaat niet over stenen, maar over mensen”, benadrukt Kurvers. Zijn ervaring in Rotterdam is, dat het werken in de geest van de wet een enorme stimulans is, om samen met Rotterdammers de stad te maken. “Het leidt tot eigenaarschap; Rotterdammers die betrokken zijn bij de stad en die willen meedoen.”

De Rotterdamse aanpak

Kurvers vertelt over de Rotterdamse aanpak. Hij zegt erbij, dat het geen kwestie is van het ‘eventjes fiksen’ en de digitalisering gaat niet zonder slag of stoot. Tegelijk doet de stad waar hij om bekend staat: de handen uit de mouwen steken. Zo maakte Rotterdam samen met alle partners en  – vooral – met de inwoners een omgevingsvisie die al volgend jaar door de raad wordt vastgesteld. De stad gaat aan de slag met grote vragen zoals klimaatverandering, digitalisering, energietransitie, gezondheid en wonen. De Omgevingswet biedt daarvoor het wettelijk instrumentarium en stimuleert om aan de voorkant aspecten als cultuur, onderwijs en gezondheid mee te nemen. “Zo bouw je een gaaf stuk stad waar mensen tot hun recht komen.”

Burenakkoord

Daarnaast bereidt Rotterdam, samen met het landelijk programma Aan de slag, een test voor met het nieuwe Omgevingsloket. Dit gebeurt bij de pilot Burenakkoord voor de wijken Ommoord, Nesselande, Zevenkamp en Hoogvliet. Huiseigenaren krijgen daarbij meer vrijheid en verantwoordelijkheid bij kleine verbouwingen, zoals een dakkapel of een schutting. Als ze samen met de buren tot een akkoord komen, krijgen zij zonder verdere toetsing een vergunning via het nieuwe landelijke, digitale loket. En als ze er niet uitkomen? “Dan is de overheid er om op te treden als grensrechter”, zegt Kurvers. “De charme van deze wet is dat we conflicterende belangen, bezwaar en beroep naar de voorkant trekken. Dat kan leiden tot versnelling en mooie initiatieven.” Hij geeft als voorbeeld de gebiedsontwikkeling van Cool Zuid, een gebied met veel concurrerende ruimteclaims. In ateliers wordt met ondernemers, bewoners en andere partijen het gesprek gevoerd om van onderaf een gebiedsvisie op te bouwen. “Zo zien en voelen mensen: mijn stem doet ertoe”, zegt Kurvers.

Gemeenten moeten aan de bak

De kernwaarden van de Omgevingswet zijn sneller, beter en bieden meer ruimte voor initiatief. “Gemeenten moeten aan de bak om een goed fundament te leggen onder de invoering van de wet. Door allemaal ons beste beentje voor te zetten, kunnen we er een succes van maken.

Gluren bij de buren

Interbestuurlijke Try Outs, diverse regio’s zijn ermee bezig. In regionaal verband oefenen ze samen met het werken met de Omgevingswet, om te zien hoe deze in werking kan treden. Dus niet alleen in de eigen organisatie, maar vooral met andere, direct betrokken overheden, partners en overheidsorganisaties zoals veiligheidsregio's en omgevingsdiensten. Hoe werken ze samen en stemmen ze procedures, regels en ICT met elkaar af, zodat burger en bedrijf meer met 1 overheid te maken hebben? Neem hier alvast een kijkje in de keuken van de buren!

Try Out Flevoland

Welke afspraken maken we om te kunnen werken als één overheid? Dat is de kernvraag in Flevoland. Alle decentrale overheden doen als gelijkwaardige partners mee. 

De focus ligt op overzichtelijke dienstverlening voor burgers en bedrijven. Het DSO wordt hiervoor zo goed mogelijk ingezet. Het vertrekpunt is dat 70% van de initiatieven in het DSO wordt afgehandeld dankzij snelserviceformules en up-to-date data. Denk aan het toevoegen van ‘tags’ aan juridische regels om ze in het DSO beter vindbaar te maken. Dit geeft de personele ruimte om de 30% meer complexe initiatieven sneller af te handelen. 

In dit filmpje vertellen betrokkenen hoe overheden in Flevoland zoeken naar een nieuwe manier van werken in de geest van de Omgevingswet. 

Meer lezen? Bekijk hier het hele verhaal over de Try Out Flevoland

Try Out IJsselland

Hoe kunnen de verschillende overheden en partijen beter samenwerken rond initiatieven? In de oefenomgeving van het Omgevingsloket kun je voor een aantal activiteiten al een vergunningcheck doen. Voor ingewikkelde aanvragen staat een omgevingstafel in de steigers. 

De doorlooptijd van complexe initiatieven wordt bekort door de omgevingstafel. Eenvoudige initiatieven worden met vragenbomen (toepasbare regels) door het proces geleid. Susanne Nolten, Programmamanager in Overijssel: “Het is voor gemeenten handig dat er straks om de 14 dagen een initiatieventafel is, en dat je weet: ik kan dit plan in korte tijd met alle partners bespreken. Vooral in kleine gemeenten, waar complexe initiatieven niet zo vaak voorkomen.”

Lees hier het hele verhaal over Try Out IJsselland

Try Out Zuid-Holland

Een goede balans vinden tussen bouwen en natuur. Dat is het idee van deze Try Out. De deelnemers zoeken naar een manier om aanvragen voor een bouwvergunning in de hele Zuid-Hollandse kuststrook interbestuurlijk te behandelen. Het gaat niet alleen om natuur en bouwen. Ook andere functies moeten voldoende aan bod komen zoals veiligheid, recreatie en erfgoed.

Interbestuurlijk samenwerken vraagt een andere houding. De provincie moet niet op z’n ponteneur van ‘hogere overheid’ gaan staan en de gemeente moet over de gemeentegrens heen kijken. Vertrouwen is hierbij cruciaal. Evenals een gedeelde visie op de inhoud en het doel.

De partijen zetten hiertoe een Kuststrooktafel op. Het is een inhoudelijk gesprek over beleid en concrete initiatieven.

Meer weten over de Try Out Natuur en bouwen in de kuststrook? Lees hier het hele verhaal.

Participatie realiseren; zij doen het zo!

Participatie en het betrekken van burgers en andere groepen. Het is één van de kernbegrippen in de Omgevingswet. Maar hoe realiseer je dat eigenlijk? Lees hier ervaringen van een regionaal platform, een proeftuin en een gemeente. “We constateerden als gemeente dat er veel energie vanuit de samenleving komt die we breder en vaker zouden kunnen inzetten. Het is logisch dat het proces een aanloop kende, want participatie doe je niet zomaar'', vertelt Jan ten Tije van gemeente Wierden.

Samenwerking met buurtschap helpt gemeente Wierden bij bestuurlijke vernieuwing

Jan ten Tije: “Een inwoner uit buurtschap Notter-Zuna meldde zich met het initiatief voor generatiebestendige woonruimte in combinatie met andere opgaven in het gebied, zoals sloop van ongebruikte stallen op boerenerven. Hierdoor kon de gemeente ervaring opdoen met participatie en het betrekken van burgers bij de inrichting van hun gebied. Coöperatie Notter-Zuna ontstond. Ze boog zich over thema’s als wonen, landschap, zorg voor jong en oud en de energietransitie. De coöperatie is een voorbeeld van zelforganisatie van bewoners en lokale ondernemers. Terwijl hun werk vervlochten is met opgaven van de gemeente. In de lokale verkiezingen namen we bestuurlijke vernieuwing, participatie en het experiment in Notter-Zuna op in het verkiezingsprogramma en belandde het in het coalitieprogramma. Zo borgden we bestuurlijk commitment bij het burgerinitiatief.”

Lees hier het hele verhaal van Jan ten Tije.

Regionaal platform laat Groningse ketenpartners kennismaken met Omgevingswet en met elkaar

Alfred Somsen: "De gedachte achter de aanpak van RPOG is dat we basistrainingen organiseren als regionaal platform. Onze trainers zijn opgeleid door het programma Aan de Slag. Zij zijn dus afkomstig van verschillende ketenpartners en we proberen altijd 4-6 verschillende organisaties vertegenwoordigd te hebben in cursusgroepen. Het draait bij de Omgevingswet natuurlijk ook om een goede samenwerking en om integratie. Dat brengen we door de afvaardiging uit verschillende organisaties al in de praktijk in die basiscursus. Daarnaast zijn de mensen met wie je in de cursus zit, inclusief de trainer, de regionale collega’s waarmee je wellicht te maken krijgt in het kader van de Omgevingswet. Het werkt dus ook enorm goed als netwerkgelegenheid."

Lees hier het hele verhaal van Alfred Somsen.

Samen leren en innoveren in Proeftuin Nettelhorst

Liesbeth Couwenberg: “Proeftuin Nettelhorst is een burgerinitiatief en beoogt de omgeving van de N825 gezonder en verkeersveiliger te maken. Het zocht de samenwerking met de provincie, regio's en gemeenten. Die erkenden al snel de meerwaarde van gebiedsgerichte samenwerking. Enerzijds omdat dit waardevolle lessen oplevert, onder andere voor participatie volgens de Omgevingswet. Anderzijds omdat de provincie ziet dat naast het voldoen aan normen en kaders, ook de beleving bij bewoners en weggebruikers een grote rol speelt. Bijvoorbeeld als het gaat om geluid. We richten thematafels in waarin steeds ‘de vier O’s’ vertegenwoordigd zijn: ondernemers, omwonenden, onderzoekers en overheden. We gaan op zoek naar waar de kansen en de energie liggen om initiatieven slim te combineren.”

 

Lees hier het hele verhaal van Liesbeth Couwenberg.

Terugblik

Brabantse Omgevingsscan wint Aandeslag-Trofee 2019

De Brabantse Omgevingsscan (BrOS) – een samenwerking tussen de drie Brabantse GGD’s en kennisinstituut Telos – is de winnaar van de Aandeslag-Trofee 2019. De BrOS is een dashboard waarmee gemeenten en de provincie de gezondheid van Brabanders kunnen betrekken in besluiten over de leefomgeving.

De jury selecteerde uit 28 inzendingen 5 genomineerden: gemeenten Meppel en Doetinchem, waterschap Vallei en Veluwe, de Brabantse GGD’s met het kennisinstituut Telos en de projectgroep Data-infrastructuur. De 5 pitchten hun project in 1 minuut. De winnaar werd bekendgemaakt op 18 november 2019 tijdens het Praktijkfestival in Amersfoort.

Bekijk hier het nieuwsbericht.

Bekijk hier het filmpje van de pitch en de bekendmaking van de winnaar.

Omgevingswet: gewoon doen!

Bestuurders togen 18 november naar Amersfoort voor het Praktijkfestival Omgevingswet en de bijbehorende Bestuurdersbijeenkomst. Ze wisselden ervaringen uit over de invoering van de Omgevingswet. De kernwoorden van deze dag? ‘Gewoon doen’ en buiten de gebaande paden denken! Maar hoe? Lees het terug in het verslag. Minister Van Veldhoven was ook van de partij, waarvan akte in dit filmpje dat een impressie geeft van het festival.

Terugblik Bestuurdersbijeenkomst

Balans tussen beschermen en benutten

Werken met de Omgevingswet is zoeken naar balans. Tussen regeldichtheid en globale kaders. Tussen ecologie en economie. Tussen natuur en asfalt. Artikel 1.3 beschrijft de maatschappelijke doelen van de Omgevingswet als een zoektocht naar de balans tussen beschermen en benutten. De Omgevingswet biedt kansen om beschermen en benutten scherper te markeren. Echter, wat een kans is voor de één, vormt een bedreiging voor de ander. Arjan Nijenhuis gaat er in zijn blog op in.

Lees hier Arjan's volledige blog.

Blog Arjan

Reis langs onze mijlpalen

De Slagsessies van oktober 2019 stonden in het teken van de mijlpalen die overheden onderweg gaan tegenkomen. Met nog maar 14 maanden te gaan tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet, is het belangrijk om te weten wat je nog moet doen.

Hulpmiddelen passeerden de revue: van staalkaart tot vragenboom en van demo tot kennissessie én een overzicht van 5 minimale eisen waaraan bevoegd gezagen moeten voldoen over 14 maanden. 

Bezoekers konden kiezen uit 12 workshops. In elke ronde was een workshop voor programmamanagers, informatiemanagers, juristen en beleidsmedewerkers en voor vergunningverleners en dienstverlening. Voor instromers was er parallel aan de opening een introductiesessie waarin u in 90 minuten kon kennismaken met de Omgevingswet en het Omgevingsloket.

Niet geweest, maar wil u wel weten wat behandeld is?

Lees het hier!

2 nieuwe webcolleges

In het webcollege milieubelastende activiteit in de Omgevingswet praat Nicole Fikke van Eenvoudig Beter u in 16 minuten bij. Ze gaat onder meer in op de inhoud van de milieubelastende activiteit, op het verschil met de huidige wetgeving, en wat de situatie wordt wanneer de Omgevingswet in werking treedt.

In het webcollege vergunningverlening voor complexe bedrijven leert adviseur Kennisdelen Simon Handgraaf u in 10 minuten wat complexe bedrijven precies zijn. Hoort u meer over het nieuwe stelsel voor vergunningverlening voor dit soort bedrijven.

 

Bekijk hier de webcollege's

Vooruitblik

Topcongres Omgevingswet: 6 maart 2020

Bent u klaar voor 2021? Dit topcongres Omgevingswet geeft u als topambtenaar inzicht in de vraag wat er in elk geval moet gebeuren om klaar te zijn voor de invoering van de Omgevingswet in 2021. Hoe de Omgevingswet u kan helpen bij het realiseren van uw maatschappelijke opgaven. Hoe we bij de toepassing van de wet de verhouding tussen overheid en burger kunnen verbeteren. En hoe u sturing kan geven aan een andere manier van werken. In diverse deelsessies wisselt u onder leiding van deskundigen ervaringen uit, gaat u in discussie, en doet u nieuwe inzichten op.

Bent u binnen uw ambtelijke organisatie als topambtenaar verantwoordelijk voor de implementatie van de Omgevingswet? Mis dit congres dan niet! En kom 6 maart naar het Spoorwegmuseum in Utrecht. Programma bekijken of aanmelden? Dat kan hier. 

Wilt u automatisch een uitnodiging ontvangen? Stuur dan een e-mail aan info@topcongresomgevingswet.nl

Programma bekijken of aanmelden kan hier

De 7 inzichten van MOOC 

De Massive Online Open Courses (MOOC) 'Anders samenwerken door de Omgevingswet' geeft in 7 inzichten (korte filmpjes) een duidelijk beeld van de veranderingen die de Omgevingswet met zich meebrengt. Deze filmpjes laten concrete voorbeelden uit de praktijk zien.

Direct toepasbaar
De inzichten staan online op www.omooc.nl. Inzicht 1 en 2 vertellen over samenwerken met ketenpartners, 3 en 4 over samenwerking binnen de eigen organisatie en 5 en 6 over samenwerking met partijen in de samenleving. Inzicht 7 is een toolkit van 16 kaartjes met vragen en een format om nieuwe inzichten en goede voornemens vast te leggen. Deze werkvorm is bedoeld voor teams en samenwerkingsverbanden.

Naast de 7 inzichten is er een 4-delige online cursus. Hierin kunt u zien wat dit betekent voor u, uw rol en uw organisatie.

Bekijk ze alle 7!

Kabinet stuurt aan op 1 januari 2021 

Minister Stientje van Veldhoven voor Milieu en Wonen stuurt aan op inwerkingtreding van de Omgevingswet op de geplande datum van 1 januari 2021. Dat meldt zij in een voortgangsbrief over de Omgevingswet die namens het kabinet aan de Eerste en Tweede Kamer is gestuurd.

Rond de zomer bepaalt het kabinet definitief of de Omgevingswet per 1 januari 2021 ingaat. Het draagvlak bij de bestuurlijke partners en de Eerste en Tweede Kamer is hiervoor mede bepalend. Op de website Omgevingswetportaal.nl staan telkens de meest recente versies.

Lees hier het hele bericht.

Meer info over voortgang invoering Omgevingswet

Nieuw: Wegwijzers participatie bij vergunningverlening 

Welke stappen moet je als gemeente doorlopen rondom participatie bij vergunningverlening? Daarvoor zijn twee wegwijzers beschikbaar. Eén voor participatie bij de reguliere vergunningprocedure en één voor participatie bij de uitgebreide vergunningprocedure. In de wegwijzers staan de stappen voor het bevoegd gezag en de initiatiefnemer (de aanvrager). 

Meer informatie over participatie bij vergunningverlening

Wetgevingsjuristen en Omgevingswet

Juristen staan aan de wieg van de Omgevingswet en de invoering ervan, maar bewegen zich toch vooral achter de schermen. Wat betekent de wet voor hun ministeries en medewerkers? Hoe bereiden zij zich voor en hoe inspireren ze elkaar? De juridische directies van de ministeries die (gaan) werken met de Omgevingswet vonden de samenwerking al via het Interdepartementaal Juridisch Dwarsverband Omgevingswet. Hier is hun kant van het verhaal. 

Suzanne van Melis

‘Juristen zijn geen nee-zeggers’

Suzanne: “De wijziging van het omgevingsrecht vraagt een totaal nieuwe benadering: integraler. JZW krijgt voorstellen afzonderlijk aangeboden, maar omdat integraliteit centraal staat in de Omgevingswet, wil ik begrijpen hoe wetten en regels zich tot elkaar verhouden.”

Samenwerken werkt 

“Mijn tip aan collega-juristen: zoek de samenwerking. Met juristen van andere departementen, beleidsmakers, mensen in de uitvoering en de andere overheden. Daarop aansluitend: schrijf een advies zo dat iemand die niet juridisch geschoold is het ook begrijpt. In plaats van: ‘dit is een juridisch risico’, kun je beter zeggen: ‘er is kans dat mensen hierdoor vaak naar de rechter zullen gaan.' Maak de boodschap dus concreet en noem ook alternatieve oplossingen. Ik wil weg van het beeld dat juristen nee-zeggers zijn.” 

Ook leren van de lessen die Suzanne trekt? Lees het hier! 

Marieke Vogel

‘Nu anticiperen is cruciaal’

Marieke: “Het ministerie van Defensie heeft veel locaties en activiteiten met invloed op de omgeving. Denk aan schietterreinen en militaire luchthavens waar veel geluid wordt geproduceerd. Als initiatiefnemer willen we weten wat nodig is om een vergunning te krijgen.”

Rijk of regionaal 

“Nu anticiperen op de veranderingen is belangrijk. Alleen: veel zaken liggen nog niet vast. Zo ligt nu de beoordeling van veel van onze vergunningen bij het Rijk. De vraag is of dit blijft of dat initiatieven regionaal beoordeeld worden. Dat zou ik een spannende verandering vinden. Want hebben provincies en gemeentes de juiste expertise om initiatieven van Defensie te beoordelen? Omgevingsplannen worden lokaal gemaakt, waardoor er verschillen zijn. Omdat Defensie locaties heeft door heel Nederland, moeten we met veel partners in gesprek.” 

Marieke kijkt met een andere bril op. Benieuwd? Lees verder!

Marijke Bootsman en Gideon van der Staaij

‘Liever werkbaar dan perfect’

Gideon: De werkwijze van de `Omgevingswet is niet nieuw voor ons; zo werken we bij de totstandkoming van windparken op zee ook interbestuurlijk samen en passen we participatie toe.”

Marijke: “We hebben de invoering van de wet bijna voltooid. Spannend. Hoe onderhoud je een wet met zoveel gebruikers?”

Gideon: “Er ligt een grote digitaliseringsopgave, ook voor de wetgevingsjuristen. Wij zouden daarom graag zien dat er rijksbrede dienstverlening komt, bijvoorbeeld voor de productie van toepasbare regels. En duidelijkheid over wanneer het DSO bepaalde zaken centraal gaat opleveren, zodat wij op tijd kunnen aansluiten.” 

Marijke: “Het digitaal stelsel dwingt ons het maken en wijzigen van wetten te moderniseren. Tegelijkertijd gaan veel EZK-wetten en regels niet op in de Omgevingswet. We zullen dan ook een tijdje in twee systemen werken in plaats van één. Ik vind het leuk om hiermee te experimenteren.” 

Bekijk het hele interview met Marijke en Gideon.

Wie is de winnaar van de Publieksprijs 2019?

Publiek Denken Top 100 Ambtenaar van het Jaar 2019

  • A Dennis van Heteren, programmamanager Omgevingswet gemeente Emmen
  • B Jolanda van Tongeren, strategisch adviseur Business Accounting gemeente Almere
  • C Rosemarie Bastianen, Programmadirecteur Eenvoudig Beter
0 bezoekers hebben al gestemd

Colofon


Kwartslag is een uitgave van het programma Aan de Slag met de Omgevingswet en verschijnt 4 keer per jaar. Kwartslag informeert laagdrempelig over de actuele stand van zaken rondom de implementatie van de Omgevingswet. En alles wat daarbij komt kijken. Heeft u naar aanleiding van deze editie nog vragen, suggesties of opmerkingen, laat het ons dan weten. 

Ontwerp en realisatie: Kris Kras context, content and design 


Privacy: Door u te abonneren op deze uitgave geeft u automatisch toestemming voor het gebruik van uw gegevens door het programma Aan de Slag met de Omgevingswet. Uw gegevens worden niet anders gebruikt dan voor toezending van deze uitgave en incidenteel voor het sturen van andere relevante informatie met betrekking tot de Omgevingswet of het programma. Wij verkopen uw gegevens niet aan derden.

Disclaimer: u kunt geen rechten ontlenen aan de inhoud van deze uitgave.

Mocht u geen prijs stellen op ontvangst van Kwartslag, dan kunt u zich hier afmelden.

Meer informatie vindt u op www.aandeslagmetdeomgevingswet.nl 
Volg ons op Twitter via: @AandeslagOw
En op LinkedIn

Het programma Aan de slag met de Omgevingswet is een initiatief van de VNG, het IPO, de UvW en het Rijk.

Cookiebeleid


Wij maken op deze website gebruik van cookies. Een cookie is een eenvoudig klein bestandje dat met pagina's van deze website wordt meegestuurd en door je browser op de harde schijf wordt opgeslagen. De daarin opgeslagen informatie kan bij een volgend bezoek weer naar onze servers teruggestuurd worden. 

Cookies in- en uitschakelen 
Meer informatie omtrent het in- en uitschakelen en het verwijderen van cookies kan je vinden in de instructies en/of met behulp van de Help-functie van jouw browser. 

Google Analytics 
Via onze website worden cookies geplaatst van het Amerikaanse bedrijf Google, als deel van de "Analytics"-dienst. Wij gebruiken deze dienst om bij te houden en rapportages te krijgen over hoe bezoekers de website gebruiken. Google kan deze informatie aan derden verschaffen indien Google hiertoe wettelijk wordt verplicht, of voor zover derden de informatie namens derden verwerken. Wij hebben hier geen invloed op. Wij hebben Google niet toegestaan om de informatie te gebruiken voor andere Googlediensten. 

De informatie die Google verzamelt wordt zoveel mogelijk geanonimiseerd. Uw IP-adres wordt nadrukkelijk niet meegegeven. De informatie wordt overgebracht naar, en door Google opgeslagen op servers in de Verenigde Staten. Google stelt zich te houden aan de Safe Harbor principles en is aangesloten bij het Safe Harbor-programma van het Amerikaanse Ministerie van Handel.